Je zit een artikel te lezen. Nog even het laatste stuk. Dan komt je kind binnen. Het wil je iets vertellen.
Je kijkt op. Of misschien ook niet meteen. Want je wilt eigenlijk eerst die paar regels uitlezen.
Zo'n klein moment stelt weinig voor. Toch gebeurt er iets interessants. Je kind wil iets van jou, terwijl jij nog met iets van jezelf bezig bent.
Moet je meteen reageren? Of kies je voor jezelf en lees je eerst verder?
Alsof er maar twee mogelijkheden zijn.
Even naar de poort
Met De Tuinmetafoor kun je zo'n moment letterlijk voor je neerzetten.
Stel je voor dat je in je eigen tuin staat. Daar ben je bezig met je artikel. Je kind komt naar je toe en klopt als het ware aan bij je tuinpoort.
Je merkt je kind op. Tegelijk kun je merken wat er bij jou gebeurt: je wilt best horen wat je kind te vertellen heeft, maar je wilt ook graag eerst je artikel uitlezen.
Je kunt vanuit je eigen tuin naar de poort bewegen. Daar ontstaat contact. Je hoort wat je kind wil en kunt bijvoorbeeld zeggen: ‘Ik wil dit eerst even uitlezen. Daarna heb ik tijd voor je.’
Daarna kun je weer terug naar je artikel. Als je klaar bent, kun je opnieuw naar buiten bewegen en je kind opzoeken.
Dat klinkt misschien heel gewoon. En dat is het ook. Maar door het zo voor je te zien, wordt iets zichtbaar wat in het dagelijks leven gemakkelijk door elkaar gaat lopen.
Je aandacht kan naar je kind gaan, zonder dat je daarmee meteen hoeft los te laten wat er bij jou speelt.
Een grens is niet alleen afstand
Bij grenzen denken we al snel aan nee zeggen. Aan voor jezelf opkomen of ervoor zorgen dat iemand niet te dichtbij komt.
Maar een grens doet meer.
Juist doordat er een grens is tussen jouw binnenwereld en die van je kind, kun je ook contact maken. Je kunt naar de poort bewegen, horen wat je kind van je vraagt en daarna weer terugkeren naar je eigen tuin.
Je kunt naar de poort bewegen om contact te maken en daarna weer terugkeren naar je eigen tuin.
Je hoeft dus niet te kiezen tussen ik ben er voor jou en ik kies voor mezelf.
Je kunt aandacht hebben voor wat er bij je kind gebeurt en tegelijkertijd blijven opmerken wat er bij jou gebeurt.
Ik kan bij mezelf blijven én met jou in contact zijn.
Misschien is dat wel een van de dingen die De Tuinmetafoor zichtbaar maakt: dat betrokken zijn bij de ander niet betekent dat je jezelf hoeft te verlaten.
Als je het eens bij jezelf wilt opmerken
Misschien gebeurt het vandaag wel ergens. Je bent aan het koken, leest iets, voert een gesprek of zit eindelijk even rustig. En dan wil je kind iets van je.
Wat gebeurt er dan bij jou?
Laat je meteen los waar je mee bezig bent? Merk je dat je eigenlijk nog even door wilt gaan? Of voel je misschien al de neiging om meteen beschikbaar te zijn?
Je hoeft daar niet direct iets aan te veranderen.
Merk het eerst maar eens op. Waar was jij? Wat vroeg de ander van je? En wat gebeurde er bij jou op dat moment?
Misschien ontstaat er dan iets meer ruimte om te kiezen hoe je naar de ander toe wilt bewegen.
Vragen om mee te nemen
- Wat merk je bij jezelf wanneer je kind iets van je vraagt?
- Wanneer laat je gemakkelijk los waar je zelf mee bezig bent?
- Kun je aandacht hebben voor je kind en tegelijkertijd blijven merken wat er bij jou gebeurt?